Body text
Context voor ACTRIS
Europa ondersteunt de oprichting van onderzoeksinfrastructuren die middelen en diensten leveren aan wetenschappelijke gemeenschappen om onderzoek te vergemakkelijken en innovatie te bevorderen.
Ze kunnen ook buiten het onderzoek worden gebruikt, bijvoorbeeld voor onderwijs of openbare diensten, en ze kunnen op één locatie zijn gevestigd (bijvoorbeeld CERN), verspreid over verschillende locaties, of virtueel zijn (bijvoorbeeld digitale diensten leveren).
Het landschap van Europese onderzoeksinfrastructuren bestrijkt bijna alle onderzoeksdomeinen. De Aerosol, Clouds and TRace gases Infrastructure (ACTRIS) vult een leemte in het landschap van atmosferische onderzoeksinfrastructuren op het gebied van milieu.
Na vele jaren van voorbereiding en implementatie door alle partners heeft de Europese Commissie besloten om ACTRIS op 25 april 2023 op te richten als een rechtspersoon, het European Research Infrastructure Consortium (ERIC).
ACTRIS doelen en structuur
ACTRIS levert hoogwaardige gegevens, informatie en diensten ter ondersteuning van onderzoek naar kortlevende klimaatverontreinigende stoffen en naar de processen die hun variabiliteit in natuurlijke en gecontroleerde atmosferen beïnvloeden.
ACTRIS omvat zes componenten, namelijk in-situ en teledetectie van aerosolen, wolken en spoorgassen. Elke component levert hoogwaardige gegevens volgens welomschreven normen die worden gecoördineerd en ondersteund door een bijbehorende centrale faciliteit die expertise en richtsnoeren verstrekt, alsook ondersteuning biedt voor de activiteiten in de observatiefaciliteiten die door de verschillende lidstaten, waaronder België, worden geëxploiteerd.
België en het BIRA in ACTRIS
Het Belgische ACTRIS-consortium wordt geleid door het BIRA. Het omvat het Koninklijk Meteorologisch Instituut, de Universiteit van Luik en het Institut Scientifique de Service Public (ISSeP); VITO is eind 2024 toegetreden.

Al deze instellingen exploiteren verschillende vaste of mobiele stations in België en daarbuiten, waar ze metingen verrichten van atmosferische verontreinigende stoffen en aerosolen, met behulp van in-situ bemonstering of teledetectietechnieken. De integratie van deze stations in ACTRIS wordt gedekt door een langetermijnverbintenis van de betrokken onderzoeksorganisaties en financieringsinstanties om deze metingen op lange termijn te ondersteunen.
Momenteel zijn de Belgische vaste ACTRIS-stations:
- Ukkel
- Vielsalm
- Jungfraujoch Observatorium (Zwitserse Alpen)
- Observatoire de Physique de l'Atmosphère op La Réunion.
Het BIRA en VITO exploiteren ook mobiele platforms voor in-situ metingen. Daarnaast leidt het BIRA de Central Facility for Reactive Trace Gas Remote Sensing (CREGARS). CREGARS biedt richtlijnen en ondersteuning voor het gebruik van de speciale instrumenten in de observatiefaciliteiten en voor het leveren van hoogwaardige observatiegegevens.

Het biedt ook een systeem voor het verwerken van de ruwe gegevens van elk station tot geofysische informatie over doelgerichte klimaatverontreinigende stoffen voor gebruik in onderzoek of voor beleidsdoeleinden.
Het BIRA beheert ook de samenwerking tussen ACTRIS en de daarmee verband houdende wereldwijde monitoringnetwerken om te zorgen voor een gemeenschappelijke observatieaanpak en de levering van vergelijkbare hoogwaardige gegevens op wereldschaal, en om te profiteren van elkaars expertise en diensten.
Referenties
- Laj.P, et al., Aerosol, Clouds and Trace Gases Research Infrastructure (ACTRIS): The European Research Infrastructure Supporting Atmospheric Science, Bull. Amer. Meteor. Soc., 105, E1098–E1136, 2024; https://doi.org/10.1175/BAMS-D-23-0064.1.
- https://www.actris.eu